Begroting2017

Naar portaal
Grondbeleid

De paragraaf grondbeleid heeft tot doel te informeren over het beleid rondom de ontwikkeling van grond binnen de gemeente. Met grondbeleid wordt bedoeld de beleidsafweging aangaande de grondproductie en de keuze in het daarbij horende wettelijke en gemeentelijke instrumentarium. Daarbij wil de gemeente transparant zijn over haar handelen en de juiste instrumenten bieden voor de realisatie van de ruimtelijke programma’s die al zijn vastgesteld.

Inleiding

Artikel 16 (BBV)
De paragraaf betreffende het grondbeleid bevat ten minste:

a. een visie op het grondbeleid in relatie tot de realisatie van de doelstellingen van de programma's die zijn opgenomen in de begroting;
b. een aanduiding van de wijze waarop de provincie onderscheidenlijk gemeente het grondbeleid uitvoert;
c. een actuele prognose van de te verwachten resultaten van de totale grondexploitatie;
d. een onderbouwing van de geraamde winstneming;
e. de beleidsuitgangspunten omtrent de reserves voor grondzaken in relatie tot de risico's van de grondzaken.

In de paragraaf grondbeleid wordt ingegaan op het grondbeleid in relatie tot de realisatie van de doelstellingen van de programma’s die elders in de programmabegroting zijn opgenomen. Daarnaast zal ingegaan worden op het grondbeleid dat de gemeente voert, een actuele prognose gegeven worden van de totale grondexploitatie en de beleidsuitgangspunten die de gemeente hanteert omtrent de hiermee samenhangende reserves en voorzieningen.

Visie grondbeleid

Op 17 april 2012 heeft de gemeenteraad de Structuurvisie 2012-2025, na vaststelling van een aantal amendementen op het collegevoorstel, vastgesteld. In dit document heeft de gemeente Maassluis uiteengezet welk grondbeleid men wenst te voeren om de ruimtelijke doelstellingen te realiseren.
De kernopdracht is het streven naar een aantrekkelijk woon-, werk- en leefklimaat, wat een belangrijke vestigingsfactor is voor zowel bedrijven als huishoudens. Daarbij gaan wij uit van een duurzame en kwalitatieve groei van de stad. Kwantitatieve groei van de stad is geen doel op zich. Er wordt gestreefd naar een duurzame en beheerste ontwikkeling van de stad.
In maart 2013 is de Nota Bovenwijkse voorzieningen vastgesteld door de Raad. De gemeente Maassluis gebruikt deze nota als:

  1. Kader om tot anterieure afspraken te komen rondom bijdragen ten behoeve van bovenplanse kosten (bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkelingen);
  2. Kader om tot eventueel dwingend kostenverhaal ter realisering van bovenwijkse voorzieningen te komen, waarmee een onderbouwing gegeven wordt van toe te passen criteria.

Uitvoering van het grondbeleid

Met het vaststellen van de Structuurvisie heeft de gemeente grotendeels haar grondbeleid per locatie beschreven. Voor de gronden die de gemeente Maassluis reeds in bezit heeft, is de intentie om deze gereed te maken voor uitgifte. Het gaat hierbij om de gronden gelegen op de bedrijventerreinen De Dijk en de Kapelpolder. De resterende locatie RK-kerk binnenstad maakt onderdeel uit van het project Sluispolder-West, waarover het college met Maasdelta overeenstemming heeft bereikt en waarvoor een Richtinggevend kader op 8 juli 2014 door de raad is vastgesteld.

Voor de overige initiatieven hanteert de gemeente Maassluis een passief grondbeleid waarbij de werkwijze direct aansluit op de Wro en het Bro. De gemeente wil initiatiefnemers faciliteren indien de plannen passen binnen een goede ruimtelijke ordening zoals vastgelegd in de Structuurvisie, andere beleidsdocumenten en indien alle gemeentelijke kosten kunnen worden verhaald. Deze afspraken zullen bij voorkeur worden vastgelegd in een anterieure overeenkomst, zodat een exploitatieplan overbodig is.

Actuele prognose

De (grond)exploitaties worden jaarlijks geactualiseerd en voorgelegd aan het bestuur via het Meerjaren Programma (Grond)exploitaties (MPG). Dit document wordt gelijktijdig met de behandeling van de Programmabegroting 2017 (inclusief financieel meerjarenperspectief) aan u aangeboden. Eventueel kan ook tussentijds een (grond)exploitatie geactualiseerd of herzien worden via een bestuursrapportage of een afzonderlijk raadsvoorstel.
De kosten en opbrengsten van een project zijn per jaarschijf opgenomen en kunnen, mede door invloeden van buitenaf, verschuiven tussen de jaarschijven. Daarbij zal een raming plaatsmaken voor gerealiseerde kosten of opbrengsten, waarna een resultaat ontstaat.
In het MPG worden per project de ontwikkelingen aan zowel de kostenkant als de opbrengstenkant besproken, risico’s benoemd en eventueel sturingsmogelijkheden aangedragen. Daarnaast zal expliciet ingegaan worden op jaarschijf 2016 en 2017.
Onderstaande tabel geeft de verschillen tussen de netto contante waarde (NCW) van het MPG 2016 en MPG 2017 weer:

Totaaloverzicht NCW

NCW MPG 2016
per 01-01-2015

NCW MPG 2016
per 01-01-2016

NCW MPG 2017
per 01-01-2016

Het Balkon

-559.000

-580.000

-613.000

De Dijk

-395.000

-410.000

-395.000

Kapelpolder

858.000

890.000

878.000

Koningshoek

-

-

-

Noorddijk/Geerkade

133.000

138.000

133.000

Totaal resultaat NCW

37.000

38.000

3.000

Voorzieningen t.b.v. verwacht negatief resultaat

NCW MPG 2016

Jaarrekening 2015

NCW MPG 2017

Kapelpolder

858.000

890.000

878.000

Noorddijk/Geerkade

133.000

139.000

133.000

Totaal aan voorzienigen

991.000

1.029.000

1.011.000

Voor een juiste vergelijking is de NCW per 1-1-2015 toegebracht naar het prijspeil 1-1-2016

Uit bovenstaande tabel blijkt dat het saldo van alle grondcomplexen -/- 3.000 negatief is. Uitgaande van de getroffen voorziening, voor de projecten met een verwacht negatief resultaat, is het totaal aan NCW € 1 mln. positief. Ten opzichte van het MPG 2016 is het resultaat, incl. voorzieningen licht toegenomen met € 50.000,-

Beleidsuitgangspunten betreffende reserves en voorzieningen

Voor de uitleg en werking van reserves en voorzieningen gemeentebreed wordt verwezen naar de nota Risicomanagement en weerstandsvermogen 2016-2019. Op de relatie tussen de grondcomplexen uit het MPG en de reserves en voorzieningen wordt hieronder ingegaan.
Gedurende de realisering van een langjarig project doen zich vele risico’s voor. De beheersbaarheid van de onderlinge risico’s verschilt, evenals de kans en het gevolg die per risico verschillen. Om de risico’s in beeld te krijgen, te beheersen en te monitoren wordt risicomanagement gevoerd (zie bovenstaande nota). Het risicoprofiel wordt gemonitord via het risicomanagement informatiesysteem NARIS. De risico’s van het grondbedrijf maken onderdeel uit van het totale risicoprofiel van de gemeente Maassluis. In het MPG wordt ingegaan op de benoemde risico’s, vervallen risico’s en nieuwe risico’s.

Afhankelijk van de mate van dekking van de risico’s van het grondbedrijf is een hogere of lagere weerstandscapaciteit nodig. In Maassluis wordt uitgegaan van een zekerheidspercentage van 70%. Met andere woorden: met de bestaande weerstandscapaciteit dient er een zekerheid van 70% te zijn dat de risico’s kunnen worden gedekt. De weerstandscapaciteit bestaat voor het grootste deel uit de Algemene reserve (het saldo van de algemene reserve grondbedrijf is nihil).

Kaderstellende documenten